- Home
- Colofon / Contact
- Festivals
- Into The Great Wide Open, dagje 3: Heavy Trash als…
Ook de derde dag van deze prachtige tweede Into The Great Wide Open zou in theorie tot in de nachtelijke uren door kunnen gaan. Ware het niet dat maandagmorgen ofwel het werk, ofwel – voor de jongste bezoekers – de schoolplicht weer roept. En dan zitten we met z’n allen dus op een eiland, waar je wel op tijd vanaf moet kunnen komen, liefst zonder te zwemmen.
Slechts enkele veerdiensten varen nog naar de wal op zondagavond, dus eindigt het festival op deze lazy sunday bijtijds, rond 18.30 uur. Lazy, want de zondag heeft over het algemeen niet te wilde luistermuziek te bieden, hoewel Jon Spencer’s Heavy Trash aan het einde van de middag zorgt voor de welkome rode peper in de derrière van deze slotdag.
Om ook te kunnen vertellen wat er allemaal op zaterdag gebeurde in het Vlielandse (hier te lezen), worden de warme luisterliedjes van het Belgische Isbells dit keer overgeslagen, al gaan er verhalen dat het weer een aangenaam uurtje is geweest met deze band. Verder is het bekend dat kerken in het hele land leeglopen, maar niet de dorpskerk van Vlieland tijdens Into The Great Wide Open: er staan rijen voor de deur om in de vroege zondagmiddag de Duitse pianist Hauschka en huisband van dit jaar El Pino & The Volunteers te zien. Zelf heb ik die optredens helaas gemist, maar ik geloof gerust de verschillende reacties die zeggen dat het mooie optredens zijn geweest.
In de Bolder is het aan het begin van de middag weer eventjes een London Calling-achtige bedoening: de jonge Engelse Beth Jeans Houghton – die haar platinablonde suikerspinkapsel van weleer aan de wilgen heeft gehangen – en haar band maken de bezoekers wakker met simpelweg leuke, doch niks-aan-de-hand-britrock-liedjes, plus een cover van Elvis Presley’s Devil In Disguise. Leuk en aardig, bij vlagen catchy, maar lange babbels na ieder liedje halen alle vaart uit wat een lekker pittig optreden had kunnen zijn. Ook al vinden we het nog zo spannend dat Houghton Vlieland bijna niet had gehaald doordat ze de boot had gemist; doorspelen werkt in dit geval beter.
De Belgische zangeres Selah Sue doet doorgaanswel waarvoor zij op tal van Nederlandse en Belgische podia wordt neergezet, zo ook deze zondagmiddag in het Vlielandse: op volle kracht zingen met haar typerende, wat kinderlijk aandoende strot. Op afstand zou je zweren of de 12-jarige Michael Jackson opeens weer op het podium staat: het is aan u om te bepalen of dit een compliment is of niet. Maar toch; haar stem brengt een flink deel van het publiek in vervoering, hoewel echt beklijvende liedjes in dit reggaepop-segment, laat staan ware knoeperts van hits, nog ontbreken op het repertoire. Aangenaam muzikaal vertier voor in de middagzon derhalve; niets meer, niets minder, maar daar laat menigeen zich gewillig door inpakken.
Wie zijn toehoorders met indringende zangstem echter direct tot zwijgen dan wel aan het snotteren brengt zodra hij zijn mond opentrekt, is de jonge Engelse singer-songwriter Ben Howard, die onlangs ook al grote indruk maakte op De Affaire in Nijmegen. Weinig verrassend misschien, maar dat is in de knusse Bolder in het Vlielandse niet anders: Howard beschikt over de gave om zonder uitzondering meeslepende liedjes te schrijven voor op zijn akoestische gitaar, die hij tegelijkertijd waar nodig heel ingenieus als percussie-instrument gebruikt. De goed gemikte vocale uithalen doen de rillingen wederom over de rug lopen – Damien Rice is niet heel ver weg –, zeker in persoonlijke favoriet These Waters. Intussen is er ruimte voor kleine anekdotes tussendoor: Howard is een plattelandsman, dus spelen op een groen eiland bevalt hem uitstekend. Sterker nog: Into The Great Wide Open krijgt de primeur van een nieuw liedje genaamd Gracious, geschreven op een eiland en voor het eerst uitgevoerd op een eiland. Grote klasse: het kan niet lang meer duren voordat Howard straks in de grotere clubs van het land te bewonderen is.
Een van de blikvangers op de zondagmiddag op het Sportveld is een Amerikaanse indieband die onderhand al flink wat jaren meegaat: Modest Mouse is door de jaren heen getransformeerd van een grillige, lo-fi indieband à la Pavement tot een groep met veelal melodieuze liedjes met hier en daar een scherpere uithaal. Vooral die laatste kant krijgen we deze middag te horen, met veel werk van album We Were Dead Before The Ship Even Sank en de recente trits singles en EP’s. Het levert een aangenaam optreden op met heerlijk door elkaar kabbelende gitaarpartijen in fraaie liedjes, maar wat meer ongecontroleerde gekte was welkom geweest in dit bij vlagen mooie, maar toch wat te brave optreden. Hoewel het gebruik van trompet en accordeon en enkele op deze plek passende zeemansliedjes dan weer erg leuk is. Prima optreden van een vooral degelijke liveband, waar toch net wat meer van werd verwacht.
Gelukkig is daar het welkome shot tabasco van deze vrij kalme zondag, in de vorm van het New Yorkse Heavy Trash, met aan het hoofd Jon Spencer, zelfverklaard verkondiger van het heilige rock ’n roll-evangelie. Met Matt Verna-Ray als leadgitarist en een er volop op los stampende ritmesectie krijgt een warme bolder een vertrouwd dampende rock ’n roll en rockabilly-set voorgeschoteld, boordevol venijnige gitaren en een onhoudbaar doorratelende contrabas. Dat houdt niet iedereen een uur vol; ‘nogal eentonig’ is misschien een terecht verwijt, maar dan wordt wel voorbij gegaan aan de ongelooflijke stoot energie die deze strakke band live weet te geven. Zelfs al moet ook de rock ’n roll-evangelist met een grijnst op de mond verkondigen dat hij toch wel een beetje zeeziek werd van het boottochtje naar Vlieland. Het zij hem vergeven: daar hebben we tijdens dit zoveelste heerlijke Heavy Trash-optreden niets van gemerkt. Hoogtepunt van deze dag.
En dan is het toch echt bijna afgelopen, de tweede, absoluut geslaagde aflevering van Into The Great Wide Open, maar niet voordat er is afgedanst bij het Engelse gezelschap van vaardige muzikanten Oi Va Voi, gespecialiseerd in het vermengen van westerse pop met Joodse klezmermuziek en klanken uit het Midden Oosten. Dat levert na Typhoon met New Cool Collective en The Whitest Boy Alive niet het meest spetterende optreden van het weekend op – dat was wel fijn geweest als afsluiter –, maar de aardig dansbare midtempo muziek vol violen en blazers krijgt de handen van het publiek wel goed de lucht in, terwijl tientallen heupen rustig wiegen in de ondergaande avondzon.
Dat was het dan: de organisatie kan blij zijn, me dunkt, en de vele gelukkige, ontspannen gezichten die je het hele weekend op alle locaties tegenkwam, spreken boekdelen. Reken maar dat enkele duizenden bezoekers nu alweer uitkijken naar Into The Great Wide Open 2011, dat dan hopelijk net weer sfeervol, spontaan en plezierig zal uitpakken als de eerste twee edities. Tot de volgende keer, Vlieland!
Nog eens nabeschouwen? Dat gebeurt nog eens goed als ik in de loop van maandag weer aankom op het vaste land. Er staat nog een nachtje bij het kampvuur op het strand voor de boeg…
Wat hebben bezoekers getwitterd, gefotografeerd en gefilmd? Zie het op de mashup-site van ITGWO.
Zie ook:
- Into The Great Wide Open, dag 2: Kalmpjes The Whitest Boy Alive maakt Vlieland knettergek
- Into The Great Wide Open, dag 1: The Tallest Man On Earth is de ‘King of Vlieland’
- Alt. Blog op Vlie: Into The Great Wide Open is begonnen!
Lees ook:El Pino & The Volunteers maakt nieuwe Vlieland-EP
Lees ook:Alt.Blog op Vlie: Into The Great Wide Open is begonnen!
Lees ook:Ticketalert: Into The Great Wide Open op Vlieland bijna uitverkocht
Lees ook:Eerste acts Into The Great Wide Open 2010: Caribou, Wolf Parade, The Tallest Man On Earth
Lees ook:Into The Great Wide Open heeft de tijdschema’s paraat
Heb jij Alternative.Blog nog steeds niet toegevoegd aan je Google homepage of Reader? Klik hier!
Als ik het zo allemaal lees was ik er toch erg graag bij geweest. Een unieke sfeer met heerlijke muziek.
Was een geweldig weekeinde, kan me in deze recencie wel een stuk beter vinden dan in de 3 voor 12 recencies van het festival! Goed geschreven!